ECLI:NL:GHARL:2015:2993
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 28-04-2015 · zaaknummer 200.150.040-01
Inhoudsindicatie
Verstekarrest: Vaststaat dat de overeengekomen verbrekingsvergoeding moet worden aangemerkt als een boetebeding in de zin van artikel 6:91 BW. Anders dan de kantonrechter, is het hof van oordeel dat er geen sprake is van een wanverhouding tussen de boete en de door Proximedia gestelde schade. Toewijzing van de boete leidt om die reden niet tot een buitensporig of onaanvaardbaar resultaat. Het hof ziet ook geen andere redenen die de matiging van de boete kunnen rechtvaardigen. Vordering wordt alsnog gedeeltelijk toegewezen.
Rechters
Advocaten
- R.P. van der Vliet
Partijen
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
