ECLI:NL:GHARL:2015:2406
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 31-03-2015 · zaaknummer 200.117.291-01
Inhoudsindicatie
Herhaald appel tegen de afwijzing van loonvorderingen op de grondslag van (primair) het bestaan van een arbeidsovereenkomst en (subsidiair) het bestaan van een opdrachtovereenkomst. Aangezien het arrest van het hof in kracht van gewijsde is gegaan, stuiten deze vorderingen af op strijd met de goede procesorde en wordt het appel niet-ontvankelijk verklaard. Resteert het appel tegen de afwijzing van de (meer subsidiaire) vorderingen tot betaling van schadevergoeding wegens de voortijdige beëindiging van een overeenkomst van opdracht. Ook in hoger beroep komt echter niet vast te staan dat appellant in privé een opdrachtovereenkomst met geïntimeerde heeft gesloten. Het bewijsaanbod van appellant wordt als onvoldoende gespecificeerd gepasseerd. De meer subsidiaire vorderingen worden derhalve afgewezen.
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
