ECLI:NL:GHARL:2014:9734
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 03-07-2014 · zaaknummer TBS P14/0145
Inhoudsindicatie
Het voor de tweede achtereenvolgende keer niet tijdig indienen van vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling niet relevant voor de beoordeling van de ontvankelijkheid van het openbaar ministerie. Dragend voor de beslissing van de rechtbank is evenwel dat, hoewel de vordering nog wel binnen de redelijke termijn als bedoeld in artikel 509oa van het Wetboek van Strafvordering is ingediend, géén sprake is van bijzondere omstandigheden waardoor de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen, ondanks het belang van de terbeschikkinggestelde, verlenging van de termijn eist. Met de rechtbank is het hof van oordeel dat uit de stukken blijkt dat sprake is van een zodanig laag recidiverisico dat deze bijzondere omstandigheden niet aanwezig zijn.
Advocaten
- G.J. de Haas
- W. Anker
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
