ECLI:NL:GHARL:2014:5828
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 22-07-2014 · zaaknummer 200.144.426-01
Inhoudsindicatie
Kort geding over omgangsregeling. De vader wil omgang met zijn zoon van vijf, met wie hij al circa twee jaar geen contact meer heeft gehad. De rechter in kort geding heeft de moeder veroordeeld om contact op te nemen met Bureau Jeugdzorg om het omgangshuis in te schakelen voor het zo spoedig mogelijk opstarten van een omgangsregeling. Moeder stelt (ook in hoger beroep) dat omgang niet in het belang van de minderjarige is omdat zijn problematische gedrag erdoor zal toenemen. Naar het oordeel van het hof zijn er onvoldoende objectieve gegevens voorhanden om aannemelijk te achten dat omgang met zijn vader niet in het belang van het kind is. Daarvoor is nader onderzoek nodig, dat binnenkort zal plaatsvinden. Het hof ziet geen aanleiding om op dit moment tot een ander oordeel te komen dan de rechter in eerste aanleg. Het aangevallen vonnis wordt daarom bekrachtigd.
Advocaten
- A. Sarkis
- C.F. Roza
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
