ECLI:NL:GHARL:2013:10385
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 10-07-2013 · zaaknummer 200.113.593
Inhoudsindicatie
Artikel 11, lid 1 en lid 3, WAHV. De taak van de officier van justitie met betrekking tot de verplichting tot zekerheidstelling is beperkt. In de zekerheidsbrief staat dat de kantonrechter het beroep niet-ontvankelijk "kan" verklaren indien niet (tijdig) zekerheid wordt gesteld. Dat is correct en voldoende. De betrokkene kan daaraan niet de verwachting ontlenen dat er een gerede kans bestaat dat dit niet zal gebeuren als geen zekerheid wordt gesteld. De CVOM hoeft niet spontaan te wijzen op de mogelijkheid dat een draagkrachtverweer kan worden gevoerd. Ingeval van een telefonisch verzoek om vrijstelling of vermindering van zekerheidstelling dient de CVOM erop te wijzen dat een draagkrachtverweer schriftelijk moet worden gevoerd of een telefoonnotitie in het dossier te voegen ter kennisneming van de kantonrechter. In dit geval hoefde de officier van justitie ook niet te reageren op een brief waarin de betrokkene reageert op een zekerheidsbrief.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
- M. Heida
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
