ECLI:NL:GHAMS:2025:228
Gerechtshof Amsterdam · 29-01-2025 · zaaknummer 23-002718-20
Inhoudsindicatie
Bewezenverklaring opzettelijke aanwezig hebben verdovende middelen. Op het moment van fouillering van de verdachte was sprake van een redelijke verdenking van een drugsdelict en van ernstige bezwaren als bedoeld in artikel 9, tweede lid, van de Opiumwet. Dat brengt met zich dat de verbalisant bevoegd was ter plaatse een onderzoek te doen aan de kleding van de verdachte. Het hof heeft geen reden om aan te nemen dat de verbalisant bij het onderzoek aan de kleding onnodig vernederend voor de verdachte te werk is gegaan. Afwijzing voorwaardelijk verzoek omdat het hof het horen van de gevraagde getuige niet van belang acht voor beantwoording van een van de vragen van de artikelen 348 en 350 Sv
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
