ECLI:NL:GHAMS:2025:1069
Gerechtshof Amsterdam · 22-04-2025 · zaaknummer 200.333.971/01
Inhoudsindicatie
In deze zaak gaat het om de vraag of de werkgever bij het einde van de arbeidsovereenkomst van de werknemer per 1 september 2022 zijn negatieve verlofsaldo heeft mogen verrekenen. Het hof beantwoordt deze vraag bevestigend. Het door de werknemer opnemen van verlofdagen in de maand augustus 2022 voordat deze zijn opgebouwd komt neer op een voorschot van het loon dat bij uitdiensttreding moet worden geacht onverschuldigd te zijn betaald, zodat de werkgever dit in beginsel kan verrekenen. Deze verrekening van teveel genoten vakantiedagen is niet naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar of in strijd met goed werkgeverschap. Van een situatie als bedoeld in artikel 7:628 BW is geen sprake. Het hof wijst de vorderingen van de werknemer af. art. 7:628, 7:634, 7:638, 7:639, 7:645 BW
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
