ECLI:NL:GHAMS:2023:3182
Gerechtshof Amsterdam · 12-12-2023 · zaaknummer 22/2387
Inhoudsindicatie
Omzetbelasting. Het Hof is, anders dan de rechtbank, van oordeel dat belanghebbende geen ondernemer is wegens het verstrekken van leningen aan haar dochter. In zoverre is het gelijk aan de inspecteur. Partijen verschillen bij die stand van mening over het antwoord op de vraag of belanghebbende omzetbelasting verschuldigd is ter zake van de PCO-fees op grond van artikel 6j, aanhef en onderdeel b, Wet OB, in verbinding met artikel 12, derde lid, Wet OB. Het Hof oordeelt dat belanghebbende geen afnemer is, zodat de naheffingsaanslag ten onrechte is opgelegd. Ten overvloede overweegt het Hof dat, ook als wordt aangenomen dat de diensten aan belanghebbende zijn verricht, de verleggingsregeling geen toepassing kan vinden.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[eiseres]
eiseres · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
