ECLI:NL:GHAMS:2022:708
Gerechtshof Amsterdam · 08-03-2022 · zaaknummer 200.287.914/01
Inhoudsindicatie
: Huurzaak. Vraag of de huurovereenkomst tussen partijen moet worden ontbonden omdat een van de huurders zich zodanig heeft misdragen tegenover de aannemer die groot onderhoud aan de verhuurde woning moest uitvoeren, dat deze het werk definitief heeft neergelegd. De desbetreffende stelling van de verhuurster wordt door het hof voorshands bewezen geacht. Huurders mogen tegenbewijs leveren. Indien bewijs wordt ontzenuwd, is er geen grondslag voor de vordering van verhuurster, als dat niet gebeurt, is er tekortkoming van huurders. Toepasselijk wetsartikelen: artikelen 6:265, 7:213 en 7:220 BW, artikel 150 Rv.
Rechters
Advocaten
- E.B.R. van Griethuysen
- M.J. Meijer
Partijen
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
