ECLI:NL:GHAMS:2020:4070
Gerechtshof Amsterdam · 07-07-2020 · zaaknummer 000190-20
Inhoudsindicatie
Ingevolge artikel 6:6:1 Sv, dat bij invoering van de Wet herziening tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen (Wet USB) op 1 januari 2020 in werking is getreden, is -tenzij anders is bepaald- tot het nemen van een beslissing inzake de tenuitvoerlegging van voorwaardelijk opgelegde straffen bevoegd het gerecht dat in eerste aanleg kennis heeft genomen van het strafbare feit waarvoor de sanctie is opgelegd waarop de beslissing ziet. In onderhavige zaak is het strafbare feit, waarvoor een deels voorwaardelijke gevangenisstraf is opgelegd waarvan thans de tenuitvoerlegging wordt gevorderd, in eerste aanleg behandeld bij de rechtbank Noord-Holland (onder parketnummer 15-820471-16). De vordering tot tenuitvoerlegging is ingediend na inwerkingtreding van de Wet USB. Het hof acht zich derhalve onbevoegd kennis te nemen van de vordering tenuitvoerlegging.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
