ECLI:NL:GHAMS:2020:3181
Gerechtshof Amsterdam · 22-12-2020 · zaaknummer 200.274.754/01
Inhoudsindicatie
Incasso. Handelstransactie. Geen situatie als bedoeld in artikel 6:80 lid 1 onder b BW. Uit de enkele omstandigheid dat de schuldenaar de automatisch geïncasseerde bedragen heeft gestorneerd met de mededeling dat hij het met de incasso niet eens was, mocht schuldeiser niet afleiden dat de schuldenaar in de nakoming van zijn verbintenis zou tekortschieten. Artikel 6:80 lid 1 onder b BW brengt weliswaar mee – in het geval een dergelijke mededeling wel zou zijn gedaan - dat reeds vóór het tijdstip van opeisbaarheid de gevolgen van niet-nakoming kunnen worden ingeroepen, zoals de bevoegdheid om te ontbinden, op te schorten of schadevergoeding te vorderen, maar dit brengt niet mee dat de vordering vanaf het moment van die mededeling opeisbaar wordt. Buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd. Artikel 6:96 lid 4 BW (zoals per 16 maart 2013) in werking getreden is van regelend recht. In elk geval € 40,- verschuldigd. Partijen zijn daarvan bij algemene voorwaarden van afgeweken in de zin dat de vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten 15% van de hoofdsom bedraagt. Schuldeiser hoeft niet aan te tonen in welke mate en tot welke omvang hij incassokosten heeft gemaakt. Geen feiten en omstandigheden gesteld die aanleiding geven tot matiging.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
