ECLI:NL:GHAMS:2019:2963
Gerechtshof Amsterdam · 13-08-2019 · zaaknummer 200.253.439/01
Inhoudsindicatie
Kort geding. Geldvordering. Twee door appellante aan (inmiddels door overlijden van een der vennoten ontbonden) v.o.f. in consignatie gegeven schilderijen blijken, als appellante de schilderijen terugvraagt, aan derden te zijn verkocht. Appellante vordert schade als gevolg van het niet teruggeven van de schilderijen subsidiair het niet afdragen van de verkoopopbrengst ervan. Ontvankelijkheid van vordering, voor zover gericht tegen de ontbonden v.o.f. Is destijds op naam van v.o.f. gehandeld of handelde de inmiddels overleden vennoot op eigen naam? Betekenis van in het handelsregister ingeschreven bevoegdheidsbeperking van de vennoten. Hof kent voorschot op schadevergoeding toe op grond van subsidiaire grondslag. Toepasselijke wetsartikelen: 6:101 BW, 7A:1683 BW, 18 WvK, 32 WvK, 51 Rv.
Advocaten
- A.M.A. Verscheure
- C. Hellingman
- F.J. Verbeek
- R.J.M. Smit
- T. Teke
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
