ECLI:NL:GHAMS:2019:1182
Gerechtshof Amsterdam · 05-04-2019 · zaaknummer 2300461316
Inhoudsindicatie
meer naar aanleiding van verweren over de bevoegdheid tot vertegenwoordiging van rechtspersonen, eigen schuld van de benadeelde en eisen die gesteld moeten worden aan de onderbouwing van de vordering in relatie tot de inhoud van de verklaringen van de verdachte. Het hof neemt, gelet op de intensiteit van de samenwerking bij de tezamen en in vereniging gepleegde flessentrekkerij, groepsaansprakelijkheid aan ten aanzien van door leveranciers geleden schade. Daarop aansluitend volgen beschouwingen over het rechtstreeks verband tussen deelneming aan een criminele organisatie en schade die is geleden door benadeelde partijen. Dit mondt uit in gehele of gedeeltelijke toewijzing van een groot aantal vorderingen. Oplegging van de schadevergoedingsmaatregel niet gevorderd maar door het hof toch opgelegd. Het hof acht onvoldoende aanknopingspunten aanwezig voor het oordeel dat de verdachte in het geheel geen verhaal zal kunnen bieden. Beschouwing over de wettelijke grondslag voor oplegging van de bijkomende straf van ontzetting van rechten (artikelen 31 en 339 Sr), uitmondend in de conclusie dat in het onderhavige geval oplegging niet mogelijk is en in afwijzing van de vordering van de advocaat-generaal om de straf op te leggen.
Advocaten
- B.T.W. Met
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
