ECLI:NL:GHAMS:2018:4020
Gerechtshof Amsterdam · 30-10-2018 · zaaknummer 200.235.625/01
Inhoudsindicatie
Vraag of huurder van 230a-bedrijsruimte, die stelt dat deze ruimte een aanhorigheid is van door hem van een derde gehuurde 290-bedrijfsruimte in naastgelegen pand, terecht ontvankelijk is verklaard in zijn op art. 7:230a BW gebaseerde verzoek tot verlenging van de ontruimingstermijn. Heeft verhuurder ermee ingestemd dat het gehuurde samen met de door Özaydemir geëxploiteerde 290-ruimte zou worden gebruikt en aldus zou delen in de bestemming van de desbetreffende ruimte in de zin van art. 7:290 lid 2 BW? Ontkennende beantwoording van die vraag en verwerping van bewijsaanbod ter zake. Bespreking van beroep op art. 21 Rv. Toepasselijke wetsartikelen: art. 7:230a, 7:290 BW, art. 21 Rv.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
