ECLI:NL:GHAMS:2018:3791
Gerechtshof Amsterdam · 16-10-2018 · zaaknummer 200.235.952/01
Inhoudsindicatie
De arbeidsverhouding is verstoord door toedoen van beide partijen nadat een arbeidsconflict is ontstaan door de wijze waarop werkgever werknemer na diens hersteldverklaring te werk heeft gesteld. Geen ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van werkgever, dus geen grond voor toekenning van een billijke vergoeding aan de werknemer. Artikel 10 lid 5 van de cao in het Schoonmaak- en Glazenwassersbedrijf bepaalt dat bij het berekenen van de opzegtermijn het aantal dienstjaren bij een vorige werkgever wordt meegenomen indien de werknemer als gevolg van een contractswisseling in dienst is getreden bij de huidige werkgever. Werknemer kan aan deze bepaling geen rechten ontlenen voor de berekening van de hoogte van zijn transitievergoeding.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
