ECLI:NL:GHAMS:2018:107
Gerechtshof Amsterdam · 16-01-2018 · zaaknummer 200.128.522/01
Inhoudsindicatie
Huur woonruimte die lijdt aan gebrek dat ex art. 7:206 lid 1 BW in beginsel door verhuurder moet worden verholpen, maar uitgaven vergt die redelijkerwijs niet van verhuurder zijn te vergen. Gebrek maakt genot dat huurder mag verwachten geheel onmogelijk, zodat ontbinding krachtens art. 7:210 lid 1 BW mogelijk is. Ook in hoger beroep echter nog steeds onvoldoende gesteld waaruit valt af te leiden dat huurder schade lijdt.
Advocaten
- A.J. Raaijmaakers
- R. Vos
Partijen
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
