ECLI:NL:GHAMS:2017:2123
Gerechtshof Amsterdam · 06-06-2017 · zaaknummer 200.186.491/01
Inhoudsindicatie
Burengeschil over erfafscheiding met coniferen en hek. Appellant is de afgescheiden strook grond (enkel door het planten van de coniferen en het plaatsen van het hek) niet voor zichzelf gaan houden, gelet op zijn intentie met de coniferen rommel aan het zicht te onttrekken en met het hek de coniferen te beschermen, zodat geen sprake is geweest van bezit. Hij heeft geen andere bezitsdaden verricht die zouden moeten duiden op ondubbelzinnig bezit. Bovendien is oorspronkelijke erfafscheiding altijd aanwezig en zichtbaar gebleven. Dat de gemachtigde van appellant bij de comparitie in eerste aanleg zich heeft laten verleiden tot uitlatingen die niet conform de waarheid zijn is onvoldoende aannemelijk geworden mede gelet op inhoud proces-verbaal.
Advocaten
- J.J.M. van Driel
- W.J.J. Lamers
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
