ECLI:NL:GHAMS:2016:793
Gerechtshof Amsterdam · 09-02-2016 · zaaknummer 200.183.252
Inhoudsindicatie
Wgbz, griffierecht. Uitgangspunt van de wet is dat een rechtzoekende die onvermogend is, zoals verzoeker sub 1 stelt te zijn, bij het aanbrengen van de zaak verlaging van het griffierecht moet vragen en de daartoe vereiste (onder 4.2. genoemde) stukken dient over te leggen. In dit geval is bij het aanbrengen van de zaak op het H1 formulier echter vermeld dat een toevoeging niet van toepassing was en ook anderszins is bij het aanbrengen van de zaak niet medegedeeld dat bij het heffen van griffierecht rekening gehouden zou moeten worden met een toevoeging. Bovendien was de toevoeging bij het aanbrengen van de zaak al in het bezit van verzoekers was en zijn er geen omstandigheden gesteld waarom zij deze toevoeging niet eerder konden overleggen dan zij hebben gedaan.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
