ECLI:NL:GHAMS:2016:791
Gerechtshof Amsterdam · 23-02-2016 · zaaknummer 200.183.187
Inhoudsindicatie
Wgbz, griffierecht. Een verdelingskwestie wordt in hoger beroep niet, zoals bij de rechtbank, behandeld als nevenverzoek bij het verzoekschrift tot echtscheiding, maar als een procedure op grond van het bepaalde in Boek 3 BW, zodat de hoogte van het griffierecht afhankelijk is van het beloop van de vordering of het verzoek waarover in eerste aanleg is geprocedeerd. Verzoeker wenst niet slechts een woning toebedeeld te krijgen, maar een woning die is belast met een hypothecaire geldlening. De schuld die voortvloeit uit de geldlening overtreft de waarde van de woning. Bij het bepalen van het beloop van de vordering dient daarom met deze geldlening rekening te worden gehouden, in die zin dat in zoverre per saldo geen positief vermogensbelang aanwezig is.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
- E.M.T. van Ruitenbeek-de Bekker
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
