ECLI:NL:GHAMS:2015:48
Gerechtshof Amsterdam · 13-01-2015 · zaaknummer 200.159.301-01
Inhoudsindicatie
Gelet op de individuele toets die bij de beoordeling van de goeder trouw moet worden aangelegd had de rechtbank zonder nadere motivering, die ontbreekt, het verzoek van [appellante] niet mogen afwijzen vanwege het enkel bestaan van de op naam van [appellant] gestelde CJIB-schuld. CJIB-schuld inmiddels voldaan. Blijkens de verklaring ex artikel 285, eerste lid aanhef en onder e, Faillissementswet (Fw) is niet gebleken van overige schulden die op grond van artikel 288, eerste lid, aanhef en onder b, Fw aan toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling in de weg staan. Verder is voldoende aannemelijk geworden dat appellanten de uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen naar behoren zullen nakomen.
Advocaten
- J.C.R. de Lyon
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
