Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:GHAMS:2015:1078

Gerechtshof Amsterdam · 05-03-2015 · zaaknummer 14/00490

Bestuursrecht; BelastingrechtGepubliceerd 26-03-2015
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Het Hof oordeelt dat de drie (cumulatieve) voorwaarden voor het afzien van navordering op de voet van artikel 220, lid 2, onder b, van het CDW zijn vervuld ten aanzien van één van de twee aan belanghebbende opgelegde UTB’s. Ter zake van de eerste voorwaarde (vergissing van de inspecteur) is sprake van twee relevante actieve gedragingen van de inspecteur, te weten een op verzoek gedane ten onrechte terugbetaling en een controle na de invoer, waarmee de indruk is gewekt dat de self inflatable matrassen onder een onjuiste goederencode moesten worden ingedeeld. Gelet op de tweede voorwaarde kon belanghebbende, ook als beroepsaangever, wegens de ingewikkeldheid van de indeling de vergissing van de inspecteur redelijkerwijs niet ontdekken. Ten aanzien van de derde voorwaarde heeft belanghebbende voldaan aan alle voorschriften van de geldende bepalingen inzake de douaneaangifte. De inspecteur heeft daarom ten onrechte geweigerd de voor de invoer van de self inflatable matrassen nagevorderde douanerechten op de voet van artikel 236 CDW aan belanghebbende terug te betalen.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.