ECLI:NL:GHAMS:2014:5110
Gerechtshof Amsterdam · 02-12-2014 · zaaknummer 200.156.241-01
Inhoudsindicatie
De klachten van het BFT zien op het volgende. De gerechtsdeurwaarder heeft een negatieve bewaringspositie op zijn derdengeldrekening laten ontstaan en hij heeft dit tekort niet terstond aangevuld. Het bedrag waarop onder de gerechtsdeurwaarder beslag is gelegd, stond niet steeds in zijn geheel op de derdengeldrekening. De gerechtsdeurwaarder heeft een negatieve liquiditeits- en solvabiliteitspositie laten ontstaan. De gerechtsdeurwaarder heeft niet altijd een toereikende dekking aangehouden voor out of pocket-kosten. Gelden van de derdengeldrekening zijn aangewend voor het betalen van personeelskosten en overige zakelijke en privé schulden. De bewaringspositie is jarenlang en structureel geflatteerd door de gerechtsdeurwaarder weergegeven door het opboeken van kosten. Het bewaringstekort is verder opgelopen en de gerechtsdeurwaarder heeft nog gelden aan de derdengeldrekening onttrokken ter voldoening van kantoorkosten. De kamer heeft bij de bestreden beslissing de klachten van het BFT tegen de gerechtsdeurwaarder gegrond verklaard en aan de gerechtsdeurwaarder de maatregel van ontzetting uit het ambt opgelegd. Het hof is van oordeel dat de gegrondbevinding van de klachtonderdelen die zien op het laten ontstaan van de negatieve bewaringspositie reeds moet leiden tot de maatregel van ontzetting. Het hof bevestigt de beslissing van de kamer.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
- A.H. Wijnberg
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
