ECLI:NL:GHAMS:2014:4823
Gerechtshof Amsterdam · 18-11-2014 · zaaknummer 200.152.561/01
Inhoudsindicatie
Huur woonruimte; gehuurde is een door de gemeente gevorderde woning; vordering verhuurder tot ontruiming van de woning in kort geding in 1e aanleg toegewezen; in hoger beroep oordeelt het hof dat verhuurder, die geen concrete plannen (meer) heeft met de woning, geen spoedeisend belang heeft bij zijn vordering; het enkele feit dat artikel 59 van de Huisvestingswet bepaalt dat de gebruiker na het einde van de vorderingsperiode verplicht is de woning “onverwijld” te verlaten, maakt dit niet anders, nu deze bepaling weliswaar een verplichting oplegt aan de verhuurder, maar niet betekent dat een geschil tussen de eigenaar van de woning en de gebruiker over de verplichting tot ontruiming daardoor een spoedeisend karakter heeft; vordering afgewezen.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
