ECLI:NL:GHAMS:2012:CA2567
Gerechtshof Amsterdam · 06-11-2012 · zaaknummer 200.086.326/01 NOT
Inhoudsindicatie
Het is vaste rechtspraak van het hof dat het strafrechtelijk beginsel ne bis in idem – inhoudende dat niemand mag worden berecht of gestraft voor hetzelfde feit waarover reeds bij definitieve einduitspraak is beslist – ook van toepassing is binnen het notariële tuchtrecht. De inleidende klacht van klager – wat van de door klager bedoelde opschortende of ontbindende voorwaarden ook zij – heeft in de kern dezelfde inhoud en strekking als de reeds eerder door klager tegen de notaris ingediende klacht met betrekking tot het ten onrechte uitbetalen van de verkoopopbrengst van het pand [ adres ] op de rekening van de moeder van klager, waarover in appel door dit hof op 3 mei 2011 (zaaknummer 200.076.156/01) onherroepelijk is beslist. Dit leidt ertoe dat klager niet ontvankelijk moet worden verklaard in zijn klacht.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
