ECLI:NL:GHAMS:2010:BO8230
Gerechtshof Amsterdam · 09-12-2010 · zaaknummer 23-000875-10
Inhoudsindicatie
Minderjarige verdachte wordt na aanhouding kort verhoord zonder een advocaat te hebben kunnen raadplegen. Van dit verhoor wordt geen proces-verbaal opgemaakt, maar worden slechts aantekeningen gemaakt. Vervolgens wordt de verdachte (in zijn eigen belang) door de hulpofficier van justitie overgedragen aan de ouders om te voorkomen dat hij een nacht in de cel zou moeten doorbrengen. Volgens afspraak zou het verhoor op een later moment wordt worden voortgezet. De aantekeningen worden gebruikt in het later plaatsvindende, voortgezette verhoor, waarvoor verdachte met ouders op uitnodiging is verschenen. Van dat verhoor wordt nog dezelfde dag proces-verbaal opgemaakt. Nu een redelijke uitleg van artikel 152Sv met zich brengt dat het opsporingsambtenaren slechts dan vrijstaat het opmaken van een proces-verbaal achterwege te laten als hetgeen door hen is verricht of bevonden naar hun oordeel redelijkerwijs niet van belang kan zijn voor enige door de rechter in het eindonderzoek te nemen beslissing, is naar het oordeel van het hof voldaan aan de verbaliseringsplicht. Deze gang van zaken kan niet leiden tot niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie; het daarop gerichte verweer wordt verworpen. De minderjarige verdachte is voor het eerste verhoor niet gewezen op zijn consultatierecht. Evenmin blijkt dat tijdens dit verhoor bijstand is verleend door een advocaat of een andere vertrouwenspersoon. Nu verdachte in de periode, gelegen tussen het eerste verhoor en het voortgezette verhoor, voldoende gelegenheid heeft gehad een advocaat te raadplegen, zijn vader bij dit verhoor aanwezig is geweest en bovendien niet is gesteld, noch is gebleken dat in het proces-verbaal van verhoor iets is opgenomen dat verdachte niet heeft gezegd of niet zo zou hebben bedoeld, dan wel niet wilde dat het in die verklaring werd opgenomen, is het hof van oordeel dat dit proces-verbaal kan worden gebruikt voor het bewijs, ook al zou bij dat verhoor gebruik gemaakt zijn van de aantekeningen van het eerdere verhoor. (152Sv; 6EVRM, Salduz)
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
