ECLI:NL:GHAMS:2010:BL9869
Gerechtshof Amsterdam · 23-02-2010 · zaaknummer 200.043.360-01 SKG
Inhoudsindicatie
Appellanten zijn op grond van 2:248 BW aansprakelijk voor schulden failliete vennootschap. Curator doet per brief onjuiste - te lage - opgave van het boedeltekort en bevestigt de inhoud van de brief daarna in een gesprek. Appellanten stellen dat zij de opgave voor juist hebben gehouden en hebben mogen houden en dat de curator aan die opgave is gebonden. Dit standpunt kan niet worden gevolgd. Appellanten hebben de curator naar de stand van de boedel gevraagd omdat zij duidelijkheid wilden hebben over de omvang van de claim. Naar het voorlopige oordeel van het hof heeft het (herhaalde) antwoord van de curator op die vraag een zuiver feitelijk karakter en is het als zodanig niet op een rechtsgevolg gericht geweest. Het hof ziet voorts niet in waarom de feiten en omstandigheden waarop appellanten zich beroepen zouden moeten worden gekwalificeerd als een vaststellingsovereenkomst.
Advocaten
- A.C. van Schaick
- A.E. Veerman
- A.M.A. Verscheure
- E.E. van Tuyll van Serooskerken-Röell
- J.A.F. Stoel
- M.W.E. Evers
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
