ECLI:NL:GHAMS:2010:BL6952
Gerechtshof Amsterdam · 04-03-2010 · zaaknummer 08-00703
Inhoudsindicatie
Belanghebbende heeft een beroep gedaan op het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (hierna: HvJ) van 18 december 2008 in zaak C-349/07 (Sopropé), inzake de ‘eerbiediging van de rechten van de verdediging’. De Douanekamer stelt vast dat de rechten van de verdediging zijn geschonden. In casu is echter geen sprake van een belang dat, gelet op de eerbiediging van vermeld beginsel, meebrengt dat de uitgereikte utb’s dienen te worden vernietigd. Wel bestaat aanleiding voor een proceskostenveroordeling, het griffierecht daaronder begrepen. De stelling van belanghebbende dat met het enkele overleggen van een factuur, los van de vraag of deze de in rekening gebrachte prijs bevat, is voldaan aan de in de verbintenis gestelde voorwaarde, faalt. Artikel 220, lid 2, letter b, CDW staat evenmin aan navordering in de weg, reeds omdat geen sprake is van een ‘vergissing’ van de bevoegde autoriteiten.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
