ECLI:NL:GHAMS:2009:BL4232
Gerechtshof Amsterdam · 08-12-2009 · zaaknummer 200.018.333/01 GDW
Inhoudsindicatie
Partijen zijn het er over eens dat de Pensioen en Uitkeringsraad (PUR) ten onrechte maandelijks een bepaald bedrag aan de gerechtsdeurwaarder heeft afgedragen. De gerechtsdeurwaarder kan verweten worden dat hij niet heeft ingezien dat er geen grond was voor de ontvangst van deze bedragen. Door hem was immers geen nieuw beslag gelegd onder de PUR. Zijn betoog dat hij ervan uit ging dat de betalingen werden verricht in het kader van een bevel tot betaling ter zake van een achterstand in de betaling van de alimentatieverplichting van klager, kan niet worden gevolgd. Anders dan door de gerechtsdeurwaarder beweerd heeft de PUR immers wel degelijk gemeld dat twee andere gerechtsdeurwaarders ten laste van klager beslag hadden gelegd. De gerechtsdeurwaarder had moeten weten dat de PUR bij die stand van zaken geen bedragen aan hem mocht overmaken en de conclusie moeten trekken dat de door hem ontvangen bedragen dienden te worden terugbetaald aan de PUR of doorbetaald aan de deurwaarder, die het oudste executoriale beslag onder PUR had gelegd. Nu de gerechtsdeurwaarder in zoverre is tekortgeschoten heeft hij tuchtrechtelijk laakbaar gehandeld. Klager is door het handelen van de gerechtsdeurwaarder evenwel niet financieel benadeeld. Het enige geschonden belang van klager is dat hem door de gerechtsdeurwaarder geen, althans te laat, inzicht is verschaft in de gang van zaken. Voor zover de klacht de vraag betreft of de gerechtsdeurwaarder nog bedragen moet terugbetalen verwijst het hof evenals de kamer naar de gewone rechter, aangezien voor de beantwoording van die vraag in een tuchtrechtelijke procedure als deze geen plaats is. Dit leidt tot de conclusie dat de klacht gegrond is voor zover het de door de gerechtsdeurwaarder ontvangen betalingen van de PUR betreft. Het hof vernietigt de beslissing van de kamer en, opnieuw rechtdoende, verklaart de klacht gegrond zoals omschreven in rechtsoverweging 6.1, wijst de klacht voor het overige af en laat het opleggen van een maatregel achterwege.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
