ECLI:NL:GHAMS:2005:AT8541
Gerechtshof Amsterdam · 22-06-2005 · zaaknummer 98/90021 DK
Inhoudsindicatie
Met inachtneming van het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen van 16 september 2004, nr. C-396/02, gewezen naar aanleiding van prejudiciele vragen van de Douanekamer, oordeelt de Douanekamer dat Verordening (EEG) nr. 396/92 geen belemmering vormt voor de indeling van de ingevoerde minitracs onder post 8704 10 19 van het GDT. De minitracs moeten onder voornoemde post worden ingedeeld. Het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
