ECLI:NL:GHAMS:2005:AS9143
Gerechtshof Amsterdam · 08-03-2005 · zaaknummer 23-004793-04
Inhoudsindicatie
Verdachte heeft zich op 15 oktober 2002 schuldig gemaakt aan het plegen van valsheid in geschrift. Verdachte heeft toen, gebruikmakend van een "Overeenkomst RABO Telebankieren Extra" en een "Incassocontract doorlopende machtiging bedrijven", meermalen op zijn computer batches opgemaakt met opdrachten van bepaalde rekeninghouders bepaalde geldbedragen te incasseren, terwijl hij wist dat deze rekeninghouders daarvoor geen machtiging hadden afgegeven en deze geldbedragen niet verschuldigd waren, en dat de incasso-opdrachten niet plaats vonden op basis van een factuur. Vervolgens heeft verdachte deze batches naar de Rabobank verzonden om die incasso-opdrachten te laten uitvoeren, hetgeen ook is geschied. Verdachte heeft aldus ten laste van 93 rekeninghouders van verschillende banken incasso-opdrachten gecrediteerd voor een totaalbedrag van ? 739.345, 80. Verdachte had niet de bedoeling deze bedragen op de rekening van zijn failliete bedrijf te laten staan. Zijn doel was een door hem genoemd gat, wat hier ook van zij, in het bancaire systeem van automatische incasso aan te tonen.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
- I. Hij
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
