Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:GHAMS:2003:AM1909

Gerechtshof Amsterdam · 05-06-2003 · zaaknummer 97/90146

Bestuursrecht; BelastingrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

De controles achteraf in verband met export van textielproducten uit Laos, waarvoor op grote schaal certificaten van oorsprong, formulier A, zijn afgegeven, laat naar het oordeel van de Douanekamer geen andere conclusie toe dan dat de op 352 van de 363 certificaten vermelde goederen niet als producten van oorsprong uit Laos kunnen worden beschouwd. Nu de Laotiaanse autoriteiten deze certificaten aldus ongeldig hebben verklaard, heeft de inspecteur, gelet op het arrest van het Hof van Justitie van 17 juli 1997, zaak nr. C-97/95, UTC 1998/12*, terecht die ongeldigheid overgenomen; deswege was hij gehouden tot navordering over te gaan. Inzake de resterende 11 certificaten die volgens de Laotiaanse autoriteiten "fallen out of our file" zijn, is onvoldoende komen vast te staan dat zij ongeldig zijn. Er is geen sprake van een vergissing van de bevoegde autoriteiten van het uitvoerende land, wanneer zij op basis van door de fabrikant of exporteur aangeleverde gegevens, die bij een algemene controle geloofwaardig lijken, in eerste instantie afgeven of aanvaarden. Belanghebbende heeft niet, althans onvoldoende, aannemelijk gemaakt dat de Laotiaanse autoriteiten zelf een actieve bijdrage hebben geleverd aan het verzamelen van de oorspronkelijke gegevens van de certificaten. Evenmin is komen vast te staan dat die autoriteiten, terwijl zij op de hoogte waren van de juiste gegevens, de Laotiaanse oorsprong hebben gecertificeerd uitsluitend op basis van een onjuiste uitlegging van de oorsprongsregels, of dat anderszins sprake is van een als een vergissing van de bevoegde autoriteiten aan te merken gedraging, behoudens een zeventiental certificaten van oorsprong; naar het oordeel van de Douanekamer moet de omstandigheid dat de Laotiaanse autoriteiten in 1993 hebben verklaard dat die certificaten geldig zijn, worden beschouwd als een vergissing van die autoriteiten, die belanghebbende redelijkerwijze niet kon ontdekken, waarbij zij te goeder trouw heeft gehandeld en aan alle voorschriften van de geldende bepalingen inzake de douaneaangifte heeft voldaan. Het stond de Nederlandse douaneautoriteiten niet vrij deze certificaten een tweede maal voor controle achteraf in te zenden. Indien ten aanzien van de afgifte van de overige 335 certificaten wel sprake zou zijn van een vergissing, zou zulks belanghebbende niet kunnen baten. De Douanekamer is van oordeel dat belanghebbende deze vergissing redelijkerwijze kon ontdekken en dat zij ter zake niet te goeder trouw heeft gehandeld. De omstandigheid dat belanghebbende meende dat voor Laos een derogatie van de oorsprongsregels van kracht was, komt, nu niet gebleken is dat deze - onjuiste - veronderstelling aan mededelingen of gedragingen van de bevoegde douaneautoriteiten kan worden toegeschreven, voor haar rekening. Verder oordeelt de Douanekamer, in navolging van het arrest van het Hof van Justitie van 7 september 1999, C-61/98, UTC 1999/53, dat het gemeenschapsrecht op geen enkele wijze aan autoriteiten, die op de hoogte zijn van een mogelijke fraude bij het gebruik maken van preferenties in het kader van het APS, de verplichting oplegt de aangever ervoor te waarschuwen dat hij ten gevolge van die fraude douanerechten schuldig kan worden, ook niet wanneer deze te goeder trouw heeft gehandeld.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.