ECLI:NL:GHAMS:2002:AF1517
Gerechtshof Amsterdam · 18-11-2002 · zaaknummer 02/00177
Inhoudsindicatie
Belanghebbende was eigenaar van een aantal percelen cultuurgrond. In januari 1997 heeft de gemeente, in verband met toekomstige woningbouw, belanghebbende in kennis gesteld van haar besluit om een voorkeursrecht te vestigen op deze percelen. In geschil is of het met de verkoop van de percelen grond behaalde voordeel onder de landbouwvrijstelling valt. Naar ’s Hofs oordeel kan worden geconcludeerd dat het concept van de koopovereenkomst van 1 juli 1997 een weergave vormt van hetgeen waarover partijen het in ieder geval op 1 juli 1997 daadwerkelijk eens waren. Hieruit volgt dat het tijdstip waarop de koopovereenkomst inzake de percelen grond is gesloten op 1 juli 1997 ligt. Uit de stukken blijkt voorts dat de gemeente van de provincie op die datum nog geen definitief uitsluitsel heeft verkregen over behoefte en fasering van woningbouw. Het Hof is van oordeel dat er op 1 juli 1997, naar objectieve maatstaven geoordeeld, geen redelijke kans bestond dat de verkochte gronden binnen zes jaren buiten de agrarische sfeer zouden worden gebruikt. Het behaalde voordeel valt onder de landbouwvrijstelling.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
