ECLI:NL:GHAMS:2001:AD5079
Gerechtshof Amsterdam · 02-10-2001 · zaaknummer 00/03992
Inhoudsindicatie
X houdt zich bezig met de uitvoering van kinderopvangregelingen van haar opdrachtgevers en verwerft daartoe onder meer kinderopvangplaatsen bij kinderopvangorganisaties. Het Hof oordeelt dat deze diensten op basis van artikel 4, derde lid, van de Wet OB worden geacht te zijn verricht aan en vervolgens door belanghebbende aan haar opdrachtgevers en dat de wetssystematiek in dat geval meebrengt dat de dienst van belanghebbende evenals die van de kinderopvangorganisatie wordt vrijgesteld op grond van artikel 11, eerste lid, onderdeel f, van de Wet OB. Toepassing van artikel 4, derde lid, heeft naar het oordeel van het Hof tevens tot gevolg dat geen afzonderlijke bemiddelingsdienst van belanghebbende kan worden onderkend. Nu van de door belanghebbende overigens noodzakelijkerwijs verrichte werkzaamheden bezwaarlijk kan worden gezegd dat die een zelfstandig karakter hebben en niet uitsluitend aan de eerder genoemde prestatie dienstbaar zijn moet worden geoordeeld dat de door belanghebbende ten behoeve van haar opdrachtgevers verrichte werkzaamheden moeten worden aangemerkt als één prestatie.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
