ECLI:NL:GHAMS:2001:AC2678
Gerechtshof Amsterdam · 26-06-2001 · zaaknummer 00/498
Inhoudsindicatie
In geschil is de vraag of belanghebbende, een in het Verenigd Koninkrijk gevestigd lichaam, aanspraak kan maken op de bedrijfsfusievrijstelling als voorzien in artikel 14 van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969, tekst 1998 (hierna: de Wet), in verband met de inbreng van het vermogen van haar vaste inrichting in een daartoe opgerichte Nederlandse dochterven-nootschap. Het Hof beslist dat belanghebbende niet voor deze vrijstelling in aanmerking komt, omdat geen sprake is van een overdracht van een zelfstandig onderdeel van een onderneming. De stelling van de inspecteur dat de door belanghebbende ter zitting overgelegde nadere stukken buiten beschouwing dienden te blijven is door het Hof verworpen.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
