ECLI:NL:GHAMS:2001:AB1851
Gerechtshof Amsterdam · 18-04-2001 · zaaknummer 00/03603
Inhoudsindicatie
Belanghebbende verstrekt op declaratiebasis aan haar werknemers een vergoeding voor door hen gemaakte telefoonkosten. De desbetreffende telefoonnota’s staan op naam van de werknemer. In geschil is de vraag of ter zake van de aan de werknemers uitbetaalde telefoonkostenvergoedingen recht bestaat op aftrek van voorbelasting als bedoeld in artikel 15 van de Wet. Van belang is naar ’s Hofs oordeel dat de desbetreffende leveringen en diensten rechtstreeks ten behoeve van de ondernemer moeten worden verricht. Niet gebleken is dat er een rechtsbetrekking is ontstaan tussen de dienstverrichter, in casu de telecommunicatie-maatschappij, en belang-hebbende, waarbij over en weer prestaties worden uitgewisseld. Daarnaast is evenmin aannemelijk geworden dat de werknemer de overeenkomst met de telecommunicatie-maat-schappij niet ten behoeve van zichzelf zou hebben gesloten. De desbetreffende telecommunicatiediensten zijn derhalve niet rechtstreeks ten behoeve van belanghebbende zijn verricht. De stelling van belanghebbende dat de beperking van de aftrek in strijd is met het stelsel en het systeem van de heffing van omzetbelasting faalt eveneens.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
