ECLI:NL:GHAMS:2001:AB0105
Gerechtshof Amsterdam · 15-01-2001 · zaaknummer 99/01946
Inhoudsindicatie
Het betrof niet zuivering van een document T1, waarbij onbekend was waar de goederen waren gebleven. Omdat er geen aanwijsbare fysieke handeling kon worden onderkend, baseerde de inspecteur de uitnodiging tot betaling op art 204 CDW, maar was, in tegenstelling tot belanghebbende, van mening dat wel sprake was van het belastbare feit invoer als bedoeld in art.18, eerste lid, onderdeel c van de Wet OB. Het Hof was van oordeel dat, nu geen bewijs van de regelmatigheid van het vervoer was geleverd, dit het vermoeden wettigde dat de goederen waren onttrokken in de zin van art 203 CDW en dat er derhalve geen twijfel aan kon bestaan dat sprake was van invoer in Nederland in de zin van art 18, lid 1, onderdeel c, van de Wet OB. Het gelijk was aan de inspecteur.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
