ECLI:NL:GHAMS:2000:AA7719
Gerechtshof Amsterdam · 10-02-2000 · zaaknummer p98/5468
Inhoudsindicatie
Voor de verrekening van inkomens van voorafgaande jaren maakt de Wet geen onderscheid tussen verliezen en gedeelten van deze verliezen die op de voet van artikel 51, derde lid, van de Wet als aanloopverliezen kunnen worden aangemerkt. De Wet bevat dan ook geen regel ingevolge welke een niet als aanloopverlies aan te merken gedeelte van het in artikel 51, tweede lid, van de Wet bedoelde verlies, voor de verrekening met inkomens van voorafgaande jaren voorrang dient te genieten boven een op de voet van artikel 51, derde lid, van de Wet als aanloopverlies aan te merken gedeelte van dat verlies. Door het verlies van 1992, waarvan in dit geval een verlies uit onderneming deel uitmaakt, te verrekenen met het inkomen van het kalenderjaar 1989, heeft de verweerder gehandeld in overeenstemming met het bepaalde in artikel 51, zesde lid, van de Wet, waarin onder meer is bepaald dat de verrekening van verliezen geschiedt in de volgorde waarin de inkomens zijn genoten.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
