ECLI:NL:GHAMS:2000:AA7660
Gerechtshof Amsterdam · 02-05-2000 · zaaknummer 99/1533
Inhoudsindicatie
In beginsel rust op belanghebbende de bewijslast om, tegenover de gemotiveerde stellingen van verweerder, aannemelijk te maken dat met betrekking tot bepaalde activiteiten redelijkerwijs was te verwachten dat deze - in de toekomst - een per saldo positieve opbrengst zullen opleveren. Vaststaat die activiteiten in de jaren van 1990 tot en met 1997 steeds verlies hebben opgeleverd. Belanghebbende heeft gesteld dat, anders dan verweerder zou hebben gesteld, wel handel met derden is gedreven en hij heeft ten bewijze daarvan facturen en bankafschriften overgelegd. Belanghebbende heeft daarmee evenwel geenszins aannemelijk gemaakt dat van de activiteiten per saldo redelijkerwijs een positieve opbrengst was te verwachten. De relatief geringe omzet van derden leidt niet tot een ander oordeel. Het Hof is dan ook van oordeel dat de door belanghebbende ontplooide activiteiten geen bron van inkomen vormen en dat het geleden verlies niet in zijn belastbare inkomen kan worden begrepen.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
Hoofd van de Belastingdienst P
verweerder · overheid
Overheidspartijen
Hoofd van de Belastingdienst P
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
