ECLI:NL:CRVB:2026:115
Centrale Raad van Beroep · 22-01-2026 · zaaknummer 25/833 WAD
Inhoudsindicatie
Deze uitspraak is een vervolg op eerdere uitspraken van de Raad over de bevordering van cadetten tot tweede luitenant. Cadetten die de KOO hadden gevolgd werden op een later moment bevorderd tot tweede luitenant dan cadetten die de MWO hadden gevolgd. Dit is bij die eerdere uitspraken in strijd geacht met het gelijkheidsbeginsel. Vervolgens heeft de staatssecretaris beleid ontwikkeld (compensatieregeling) om cadetten die de KOO hadden gevolgd te compenseren. Bij deze uitspraak is geoordeeld dat het bedrag behorende bij categorie 1 van de compensatieregeling in zijn algemeenheid toereikend is. Er kunnen echter bijzondere omstandigheden zijn die maken dat het bedrag te laag is. In deze zaak geldt dat appellant aanzienlijk langer dan gemiddeld vaandrig is geweest. De staatssecretaris heeft niet onderzocht of dat reden is om van het bedrag behorende bij categorie 1 af te wijken. Geoordeeld is dat de staatssecretaris dat alsnog zal moeten doen.
Rechters
Advocaten
- A.S. de Kleijn
- G.A.H.M. Steenbakkers
- P.L.W.M. Stringer
- P.M. van der Weijden
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
