ECLI:NL:CRVB:2025:64
Centrale Raad van Beroep · 08-01-2025 · zaaknummer 22/1018 WIA
Inhoudsindicatie
Het UWV heeft de WIA-uitkering van appellant over de jaren 2017 en 2018 definitief vastgesteld en ruim € 30.000,- aan verstrekte voorschotten teruggevorderd. Tijdens de procedure in hoger beroep heeft het UWV de vordering verlaagd naar bijna € 11.000,-. Vervolgens is dit resterende bedrag kwijtgescholden. Verzoek om veroordeling van het Uwv tot schadevergoeding geleden als gevolg van een onrechtmatige handeling ter voorbereiding van de besluiten. De Raad wijst dit verzoek af, omdat er geen oorzakelijk verband bestaat tussen de terugvorderingsbesluiten en de door appellant geleden schade. Voor vergoeding van immateriële schade ziet de Raad onvoldoende aanknopingspunten. Proceskosten en griffierecht.
Rechters
Advocaten
- A.J.M. Knoef
- J.P. Volk
- W. de Rooy-Bal
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
