ECLI:NL:CRVB:2025:154
Centrale Raad van Beroep · 07-01-2025 · zaaknummer 22/1473 PW
Inhoudsindicatie
Intrekking en terugvordering van bijstand. Contant geldbedrag. Erfenis. Geen dringende redenen. Appellante heeft geen melding gemaakt van de in haar woning aangetroffen geldbedragen ter hoogte van ruim € 140.000,-, € 25.000,- en € 7.000,-. Ook heeft zij geen melding gemaakt van een in 2002 of 2003 ontvangen erfenis, die de grens van het vrij te laten vermogen oversteeg en waarvan zij de precieze hoogte niet inzichtelijk heeft gemaakt. Appellante heeft niet aannemelijk gemaakt dat het aangetroffen geld niet aan haar toebehoorde. Ook heeft zij geen gegevens over de erfenis overgelegd. Het college heeft in wat appellante heeft aangevoerd geen dringende redenen hoeven aannemen om geheel of gedeeltelijk van terugvordering af te zien. De oorzaak van de hoogte van de terugvordering is gelegen in de moedwillige en jarenlange schending van de inlichtingenverplichting van appellante door geen melding te maken van de erfenis, waarvan de omvang niet is komen vast te staan.
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
