ECLI:NL:CRVB:2025:1160
Centrale Raad van Beroep · 05-08-2025 · zaaknummer 23/1962 PW
Inhoudsindicatie
Intrekking en terugvordering van bijstand. Schending inlichtingenverplichting. Gezamenlijke huishouding. Hoofdverblijf. Appellante kan aan haar verklaring worden gehouden dat X op het uitkeringsadres woonde. Haar verklaring is innerlijk consistent en concreet en komt ook overeen met wat X daarover heeft verklaard. Dat appellante uit boosheid onjuist heeft verklaard blijkt niet uit de verklaring van X. De verklaringen van appellante en X vinden daarnaast steun in andere onderzoeksbevindingen. De verstrekte, ongedateerde verklaringen van familie en buurtbewoners leiden niet tot een ander oordeel over het gezamenlijk hoofdverblijf. Van onzorgvuldig handelen door het college door een huisbezoek achterwege te laten en geen nader onderzoek te verrichten naar de samenwoning van X met Z, waarover in de anonieme melding wordt gesproken, is geen sprake. Een huisbezoek was gelet op de specifieke en duidelijke verklaringen van appellante en X niet meer nodig. In de melding is niet gesproken van samenwoning van X met Z, maar van ‘zogenaamde samenwoning’. Niet valt in te zien dat het college in verband met het onderzoek naar het recht op bijstand van appellante ook nog onderzoek had moeten verrichten naar een eventuele samenwoning van X met Z.
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
