ECLI:NL:CRVB:2025:1118
Centrale Raad van Beroep · 22-07-2025 · zaaknummer 23/971 PW
Inhoudsindicatie
Beroep ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Geen hogere dwangsom. De rechtbank heeft het besluit van 20 april 2021 ten onrechte aangemerkt als beslissing op het bezwaar tegen het besluit van 7 november 2020. Met eerstgenoemd besluit is immers niet beslist op het bezwaar tegen de beëindiging van haar deelname aan de collectieve Haagse zorgverzekering, maar is bijzondere bijstand toegekend. Anders dan de rechtbank heeft geoordeeld, had het college ten tijde van het instellen van het beroep door appellante dan ook nog niet beslist op voornoemd bezwaar. Dat het college met het besluit van 27 juni 2022 tot de conclusie is gekomen dat het besluit van 3 mei 2021 onjuist of onvolledig was, doet er niet aan af dat het college met het besluit van 3 mei 2021 op het bezwaar heeft beslist. Nu de berekening van de overschrijding van de termijn met zeven dagen als zodanig niet in geschil is, betekent dit dat appellante geen recht heeft op een hogere dwangsom.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
