ECLI:NL:CRVB:2024:835
Centrale Raad van Beroep · 16-04-2024 · zaaknummer 22/1822 TOZO
Inhoudsindicatie
Afwijzing aanvraag Bbz voor een beëindigend zelfstandige. Intrekking TOZO-uitkering. Aan de afwijzing van de aanvraag om bijstand voor levensonderhoud als beëindigend zelfstandige op grond van het Bbz heeft het college ten grondslag gelegd dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij zich al ten tijde van de aanvraag had verplicht de activiteiten in het bedrijf zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen twaalf maanden, te beëindigen. De Raad komt tot het oordeel dat deze grondslag juist is. Verder beoordeelt de Raad de intrekking en terugvordering van bijstand die aan appellant is verleend op grond van de Tozo. Tussen partijen is niet in geschil dat het college bevoegd was de Tozo-uitkering van appellant in te trekken. De Raad oordeelt dat het college niet op een juiste wijze gebruik heeft gemaakt van zijn bevoegdheid tot intrekking van de Tozo-uitkering doordat het college onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de belangen van appellant.
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
