ECLI:NL:CRVB:2024:414
Centrale Raad van Beroep · 29-02-2024 · zaaknummer 23/55 AOW
Inhoudsindicatie
Appellant was tot januari 2014 als vrachtwagenchauffeur in het internationale wegtransport in dienst van [naam B.V.]. Met ingang van 1 januari 2014 is appellant schriftelijk een als arbeidsovereenkomst aangeduide overeenkomst met [naam Ltd] gevestigd te Cyprus aangegaan. Het is niet aannemelijk is dat [naam Ltd] het feitelijke gezag over appellant uitoefende, feitelijk de loonkosten voor appellant droeg en feitelijk bevoegd was om appellant te ontslaan, waardoor [naam Ltd] niet worden aangemerkt als de werkgever van appellant. De Nederlandse socialezekerheidswetgeving was op appellant van toepassing. Verder was appellant in de periode in geding verzekerd voor de Wlz. Formele aspecten.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
