ECLI:NL:CRVB:2024:2168
Centrale Raad van Beroep · 20-11-2024 · zaaknummer 22/3097 ZW
Inhoudsindicatie
Intrekking en terugvordering ZW-uitkering per 13 mei 2019 in verband met een gefingeerd dienstverband. De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat het Uwv met de gegevens uit het onderzoeksrapport van 27 oktober 2020 aannemelijk heeft gemaakt dat geen sprake was van een privaatrechtelijke dienstbetrekking tussen appellant en [naam B.V. ] en dat hij daarom geen recht had op een ZW-uitkering. Van doorslaggevende betekenis acht de Raad dat appellant niet zeker wist met wie hij had meegelopen, geen namen van collega’s meer wist, niet meer wist hoe de werkzaamheden in zijn werk gingen, hij niet weet wat [naam B.V. ] precies doet en hij niet meer precies weet waar hij de installaties heeft verricht. Er is geen sprake van dringende redenen om van intrekking en terugvordering af te zien.
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
