ECLI:NL:CRVB:2023:2289
Centrale Raad van Beroep · 21-11-2023 · zaaknummer 21/1707 PW
Inhoudsindicatie
Aanvraag om bijzondere bijstand voor woninginrichting op onjuiste gronden afgewezen. Het college heeft zich op het standpunt gesteld dat appellante de mogelijkheid heeft gehad om voor de kosten van woninginrichting te reserveren omdat een verhuizing vanuit het ouderlijk huis voorzienbaar is. Appellante heeft aannemelijk gemaakt dat het voor haar niet voorzienbaar was dat zij uit de woning van haar vader zou vertrekken. Het college heeft ter zitting het standpunt ingenomen dat, als de kosten van woninginrichting pas in 2019 voorzienbaar waren, appellante niet voor die kosten heeft kunnen reserveren. Dit betekent dat appellante de kosten van woninginrichting door bijzondere omstandigheden niet uit haar inkomen op bijstandsniveau kon betalen.
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
