ECLI:NL:CRVB:2023:2185
Centrale Raad van Beroep · 22-11-2023 · zaaknummer 21/289 WMO15
Inhoudsindicatie
Afwijzing verzoek om tegemoetkoming in de verhuis- en inrichtingskosten op de grond dat appellante niet is verhuisd naar de voor haar beperkingen meest geschikte woning. De gecombineerde grondslag van de artikelen 2.3.2 en 2.3.6 van de Verordening kan de besluitvorming wel dragen, nu voldoende aannemelijk is geworden dat appellante in de nieuwe woning door de aanwezigheid van de ene trap niet goed uit de voeten kon. Het bestreden besluit is pas ter zitting bij de Raad voorzien van een deugdelijke motivering. In zoverre kleeft aan het bestreden besluit een gebrek. De rechtbank heeft dit niet onderkend. De Raad acht appellante ter zake echter niet in haar belangen geschaad en passeert dit gebrek in de besluitvorming met toepassing van artikel 6:22 van de Algemene wet bestuursrecht. Proceskostenveroordeling.
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
