ECLI:NL:CRVB:2023:2114
Centrale Raad van Beroep · 09-11-2023 · zaaknummer 21/4352 WW
Inhoudsindicatie
De verplichting van appellant tot (terug)betaling aan het Uwv van de te veel betaalde voorschotten aan WW-uitkering staat vast door twee in rechte onaantastbaar geworden besluiten. Het besluit tot afwijzing op het verzoek van appellant om kwijtschelding, omdat appellant niet aan de toepassingsvoorwaarden van artikel 36 van de WW voldeed, is juist. Dwangbevel. Het beroep op verjaring van appellant ziet uitsluitend op de bevoegdheid van het Uwv het bedrag van de terugvordering (thans nog) op appellant te verhalen. De beoordeling hiervan behoort echter tot de bevoegdheid van de civiele rechter. De rechtbank heeft zich dan ook ten onrechte bevoegd geacht om hierover te oordelen.
Advocaten
- G.J. Sjoer
- W. Kort
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
