ECLI:NL:CRVB:2022:990
Centrale Raad van Beroep · 26-04-2022 · zaaknummer 21/589 PW
Inhoudsindicatie
Vaststelling aflossingsbedrag. Andere vorderingen niet aannemelijk gemaakt. Niet in geschil is dat de berekening van het aflossingsbedrag per 1 november 2019 overeenkomstig het bepaalde in artikel 475d van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering en de Beleidsregels opschorting, intrekking, terug- en invordering Participatiewet, IOAW en IOAZ Rotterdam 2017 heeft plaatsgevonden. Appellante heeft niet aannemelijk gemaakt dat sprake is van een (bevoorrechte) vordering van de Belastingdienst of van enige andere vordering waarmee bij de vaststelling van het aflossingsbedrag rekening zou moeten worden gehouden.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
